Een schuldeiser kan beslag laten leggen op de uitkering of het loon van een schuldenaar. Met het inbeslaggenomen geld worden de schulden of schuld afgelost. Niet het hele loon mag worden ingehouden door de schuldeiser. Er geldt namelijk een zogenaamde beslagvrije voet van 90 procent van het bijstandsniveau. De hoogte van dat bedrag is afhankelijk van de gezinssituatie. Een werkgever is verplicht om mee te werken met loonbeslag. Zij moeten hiervoor een uitgebreide vragenlijst voor invullen over het inkomen van de schuldenaar. Loonbeslag wordt in Nederland door een gerechtsdeurwaarder uitgevoerd en is alleen mogelijk na uitspraak van een rechter. Overheidsdiensten kunnen overigens zonder vonnis loonbeslag leggen. Het loonbeslag duurt totdat de volledige schuld is afgelost.

Beslagvrije voet

Zoals aangegeven is er ook een beslagvrije voet, maar je hebt ook het vrij te laten bedrag. Dit zijn eigenlijk twee verschillende berekeningen. Voor uitleg over deze verschillen kun je aankloppen bij een expert. Dit is zeker raadzaam. Als er door de belastingdienst beslag is gelegd en je houdt te weinig geld over om van te leven, dan kun je zelf het vrij te laten bedrag berekenen en eventueel bezwaar maken. Het is verstandig om te kijken naar de berekening van het Vtlb, omdat de berekening van veel deurwaarders vaak niet klopt. Op deze manier kun je te weinig geld overhouden om je zo in je levensonderhoud te kunnen voorzien. Middels een aangetekende brief kun je duidelijk maken dat de beslagvrije voet niet klopt. Je dient een berekening mee te sturen en bewijzen aan te leveren om de beslagvrije voet te verduidelijken.